Correct en veilig hameren!

Een hamer heb je nodig voor ontelbare klusjes in en rond het huis. Je kunt er niet alleen spijkers mee in de muur slaan of eruit trekken, maar ook bijvoorbeeld een paal mee in de grond slaan.

Welke hamer kies je?

- Kies voor een hamer met een lange steel.
- Hamers uit een stuk zijn op ergonomisch vlak veel beter. Bij die hamers wordt het gewicht beter verdeeld.
- Een handgreep met antisliplaag ligt beter in de hand en bevordert de goede grip.
- Een terugslagvrije hamer zal je pezen en gewrichten sparen.
- Een hamer van zachte materialen zal de trillingen beter absorberen dan een metalen hamer.
- Werken met een te zware hamer is erg vermoeiend. Zorg er dus voor dat je zeker geen hamer kiest die te zwaar is, maar een die net zwaar genoeg is voor het klusje dat je moet opknappen.
- Vraag raad in de winkel. Daar kunnen ze  je het beste verder helpen.

Hoe houd je de hamer vast?

Plaats je vingers rond het onderste deel van het handvat en laat je duim op de smalle kant van je handvat rusten.
Hoe dichter bij het uiteinde je de steel vastgrijpt, hoe meer kracht je ontwikkelt en hoe harder je slag is.

Veiligheid boven alles!

- Controleer altijd eerst de staat van de hamer. Gebruik geen kapotte of beschadigde hamer.
- Sla steeds met het centrale deel van de hamerkop, zodat er geen splinters wegspringen.
- Bescherm je ogen met een veiligheidsbril als er veel wegspringende splinters zijn.
- Klop de spijker eerst met lichte slagen in de muur, totdat hij vastzit en je je hand niet meer nodig hebt om hem vast te houden bij de zwaardere slagen. Zo voorkom je dat je op je vingers slaat.

Tags , ,

Je meubels verven

Ben je je meubels een beetje beu gezien maar wil je er ook geen nieuwe kopen? Heb je er dan al eens over nagedacht ze gewoon van een andere kleurtje te voorzien? Een likje verf kan van een meubelstuk al iets totaal anders maken. Zo kan een gewone stoel die geverfd wordt er uit  gaan zien als een antieke stoel of juist als een gloednieuwe,moderne stoel.

Dat tafeltje dat je op de vlooienmarkt gekocht hebt of die kast die al meer dan 10 jaar op je slaapkamers staat?  Het kunnen allemaal geschikte kandidaten zijn voor een make-over met verf.

Maar waar kun je die meubels plaatsen? In principe in elke kamer in het huis. Bestudeer de kamer goed en kies een kleur die er niet in zou misstaan. Je kunt één meubelstuk verven of een set van een paar meubels.

Benodigheden

- Doeken of kranten om de vloer en andere meubels in de kamer mee te beschermen
- Een schone spons, een doek en een emmer
- Schuurpapier of vloeibaar polijstmiddel
- Verfborstels van goede kwaliteit
- Grondverf op basis van olie
- Verf  op basis van olie

Hoe ga je te werk?

Schuur de meubels op, zodat de verf zich goed kan vasthechten.  Dat kan je doen met schuurpapier of vloeibaar polijstmiddel. Zorg er ook voor dat het stof dat bij het schuren vrijkomt wordt opgeruimd voor je begint te verven.

Breng vervolgens een grondlaag aan met een primer op basis van olie. Gebruik hiervoor een propere verfborstel. Verf in gelijkmatige stroken en beweeg de borstel van boven naar beneden. Als die grondlaag droog is, kun je je meubels verven in de kleur die je voor ogen had. Wacht hier niet te lang mee want anders wordt de duurzaamheid van de verflaag aangetast. Breng indien nodig nog een tweede verflaag aan.

Tags , ,

Van start gaan met een moestuin

Droom je ervan verse groenten uit je eigen tuin te kunnen eten? Dan is een eigen moestuin geen slecht idee. Je eigen groenten telen is trouwens helemaal niet zo moeilijk. Hier vind je een stappenplan om van start te gaan met je eigen moestuin.

Bepaal de locatie

Je wilt natuurlijk dat je groenten zo smakelijk mogelijk zijn. De locatie kan daarbij veel bepalen. De meeste groenten hebben dezelfde vereisten om goed te bloeien, wat het gemakkelijker maakt om een geschikt plekje uit te kiezen in je tuin. Kies voor een zonnig plekje op een vruchtbare bodem.

Kies de groenten uit

Dit is een van de leukste aspecten van een eigen moestuin: je favoriete groenten uitkiezen. Pas alleen op dat je ogen niet groter zijn dan je moestuin, het is niet de bedoeling dat je je groenten op elkaar begint te proppen. Houd rekening met de ruimte die je hebt, de periode waarin je graag wilt oogsten en het soort bodem in jouw moestuin.

Beslis of je zult zaaien of overplanten

Bij de keuze tussen zaaien en overplanten gaat het vooral over praktische overwegingen. Als je begint met zaadjes heb je meestal een grotere keus wat groenten betreft. Sommige groenten kun je ook gemakkelijker overplanten dan andere. Groenten waarbij meestal voor zaadjes gekozen wordt zijn: bonen, komkommer, knoflook, erwten, pompoen, enz. Groenten die je gemakkelijk kunt overplanten zijn onder meer broccoli, bloemkool, selder, tomaten en aubergine.

Haal het meeste uit je ruimte

Meestal leg je je moestuin niet in een keer aan. Sommige groenten kun je eerder oogsten dan andere, waarna je de vrijgekomen plek weer kunt opvullen. Andere planten bloeien erg snel, waardoor je meteen na de oogst opnieuw kunt beginnen.

Onderhoud je moestuin

Nu is het tijd om de meer praktische zaken aan te pakken. Een moestuin heeft regelmatig onderhoud nodig. Groenten moeten voldoende water krijgen, de bodem moet met mulch bedekt worden en er moet op tijd geoogst worden. Verder is het ook belangrijk ongedierte op een afstand te houden.

Oogst en bewaar

De laatste en de leukste stap. Als je groenten bloeien wordt het tijd om te oogsten. Eenmaal geoogst, kun je je groenten opeten of bewaren (invriezen).

Tags , ,

Slakken bestrijden in de tuin

Slakken kunnen een ware  pest zijn voor je tuin. Vooral tijdens vochtige periodes duiken ze massaal op en kunnen ze heel wat schade aanrichten. Ze eten jonge planten in de moestuin op tot net boven de grond of laten grotere planten achter met gaten. Als je toch nog iets wilt oogsten, kun je ze maar beter bestrijden.

Naaktslakken en huisjesslakken

Huisjesslakken voeden zich voornamelijk met plantaardig afval uit de tuin, zoals verdorde bladeren. Deze slakken zijn eigenlijk nuttig. Naaktslakken zijn vervelender. Zij kunnen in een nacht tijd alle kiemplantjes doen verdwijnen of heel veel schade aanrichten aan malse groenten als sla.

Gistrijk bier

Gistrijke producten als bier trekken de slakken aan. Graaf dus een potje met gistrijk bier tot aan de rand  in. Als de slak erop afkomt en ervan wilt drinken, zal hij in het potje vallen en verdrinken.

Bodem bedekken

Gebroken eierschalen, schelpen, zaagsel,  kalk, zand en soortgelijke bedekkingen leiden bij slakken door de droogte en scherpte tot irritatie. Als je dit over je zaaibedden strooit, zullen de slakken uit de buurt blijven.

Afweerplanten

Een aantal planten houden slakken door hun scherpe geur op afstand:

- Tomaten
- Tijm
- Salie
- Knoflook
- Hysop
- Oost-Indische kers

Natuurlijke vijanden

Zorg voor plekjes waar natuurlijke vijanden van de slak zich goed voelen. Vogels als eksters, kraaien, spreeuwen, merels, lijsters, enz. zitten graag in struiken en bomen. Egels verschuilen zich graag onder een hoop takken. Kikkers en padden houden van vijvertjes.

Slakkenkorrels

Er bestaan ruwweg twee soorten slakkenkorrels: een groep die biologisch afbreekbaar is en de klassieke slakkenkorrel die die eigenschappen niet bezit. Best leg je de korrels op de grond met een dakpan erover. Zo voorkom je dat andere dieren eraan kunnen.

Tags , , ,

Planten in potten zetten

Om planten goed te potten, moet je steeds een aantal stappen in acht nemen:

1. De pot kiezen

Zorg ervoor dat het water door een of meerdere gaten in de bodem van de pot kan lopen. Als de drainage onvoldoende is, kunnen de wortels verdrinken. Bijna alles kan als pot gebruikt worden, dus wat je kiest zal volledig afhankelijk zijn van je eigen stijl en budget. Als je graag lichte potten hebt die je gemakkelijk kunt verplaatsen, kies dan voor plastic, glasvezel of andere lichte materialen.

2. De potgrond kiezen

Gebruik geen grond uit je tuin, want hier kunnen onkruidzaadjes, insecten en schimmels in zitten. Koop potgrond in je lokale tuincentrum. Het is een losse en lichte mix van materialen als mossen, vermiculiet en compost. Voor vetplanten of cactussen kun je best een speciale mix gebruiken.

3. De planten kiezen

De juiste plant op de juiste plaats, dat zou je motto moeten zijn. Houd rekening met de omstandigheden op de plek waar de plant staat. Een roos moet bijvoorbeeld zes volle uren zon krijgen. Vraag om advies in je plantencentrum of lees een paar boeken, zo kom je te weten welke planten het goed doen in de zon en welke in de schaduw.

4. Bereid de potten voor

Als je potten groot zijn, plaats ze al op de plaats waar ze moeten staan voor je ze vult. Als ze eenmaal gevuld zijn, kunnen de potten wel eens te zwaar zijn om te verplaatsen. Leg een koffiefilter, een scherf van een gebroken pot of iets anders  over de gaten in de bodem. Zo zal de potaarde er niet uit lopen.

Controleer voor je de aarde in de pot giet nog even hoeveel water je eraan toe moet voegen. Meestal moet je er een beetje water aan toevoegen en kneden met je handen.  Doe genoeg potgrond in de pot, zodat de basis van de plant (waar de plant uit de grond komt) zich op ongeveer 2,5 centimeter onder de rand bevindt . Voordat je overgaat tot het planten, moet jee de grond lichtjes aandrukken met je hand.

5. Pot de plant

Verwijder de plant uit de winkelpot. Best kun je ze een uur op voorhand nog water geven in deze pot. Ondersteun de top van het wortelstelsel met je handen als je hem verplaatst. Trek nooit te hard aan de stengel van de plant. Plaats de plant bovenop de potgrond. Zorg ervoor dat de stam van de plant volledig boven de potgrond uitsteekt. Als je meer dan één plant pot, houd dan tussen de wortelstelsels zo’n 2,5 centimeter vrij, zodat je er nog potgrond aan kunt toevoegen. Geef de plant water, zodat de wortels zich meteen kunnen aanpassen aan hun nieuwe thuis.

Tags , ,

Een gezonde plant uitkiezen

Als je naar de plantenwinkel gaat, zullen alle planten er op het eerste zicht gezond en fris uitzien. Normaal gezien zouden ze dat ook moeten zijn. Toch is het zeker nodig een aantal kleine controles uit te voeren voordat je je plant mee naar huis neemt.

Controleer de andere planten in de winkel. Hoe zien die eruit? Zien ze er gezond uit en worden ze goed verzorgd?

Nu is het tijd om jouw plant onder de loep te nemen. Zijn de bladeren groen, glanzend en sappig? Vermijd  planten die aan het verwelken of aan het geel worden zijn.

Hoe is de vorm van de plant? Is hij helemaal begroeid, met meerdere takjes? Groter betekent niet noodzakelijk beter, dat kan er namelijk ook op wijzen dat de plant onvoldoende licht kreeg en om toch licht te krijgen snel naar boven groeide, maar daardoor juist erg dun en breekbaar is.

Bekijk de plant van dichterbij om te weten te komen of er sprake is van insecten of ziektes. Controleer beide kanten van de bladeren en de potgrond. Signalen die erop kunnen wijzen dat er iets aan de hand is, zijn: zwarte vlekken, gaten, papperige delen, plakkerige delen, etc.

Zie ook de wortels van de plant niet over het hoofd. Als de plant in een pot staat en de wortels uit de bodem groeien, staat de plant onder druk en zal hij wat tijd nodig hebben om te herstellen. Als er niet veel wortels zijn en de plant heel gemakkelijk uit de pot komt, werd hij waarschijnlijk nog maar pas verplant.

Controleer de stengel van de plant op beschadigingen. Verzeker je ervan dat er geen breuken of andere gebreken zijn.

Zaadjes in de pot is nooit een goed teken. Die strijden namelijk met de plant om de voedingsstoffen in de aarde.

Ontkiemende planten en planten met bloemen zullen het doorgaans beter doen dan andere.

Tags ,

Kiezen voor zaadjes of kiemplanten?

Voor jou is zaadjes zaaien in de moestuin natuurlijk de gemakkelijkste optie. Maar sommige groenten doen er maanden over om van een zaadje uit te groeien tot een volwaardige plant. Daarom gebruiken veel tuiniers kiemplanten, zeker als het gaat om seizoensplanten als tomaten, paprika’s en aubergines.

Als je je afvraagt of je voor zaadjes of kiemplanten moet kiezen, stel jezelf dan twee vragen:

- Laat de groente zich gemakkelijk overplanten?
- Duurt het bloeiseizoen lang genoeg om de groenten te laten rijpen als je kiest voor zaadjes?

Bij tomaten duurt het ongeveer 4 à 5 maanden voor de plant volgroeid is uit een zaadje. Maar ze laten zich gemakkelijk overplanten, dus de meeste tuiniers kiezen voor kiemplanten.

Wortelgewassen (wortel, pastinaak, rode biet, witlof, enz.) laten zich niet gemakkelijk overplanten en moeten rechtstreek gezaaid worden. Bij sommige snel groeiende gewassen als erwten en sla zijn kiemplanten ook totaal overbodig.

Groenten die gezaaid worden:

Basilicum, broccoli, wortels, komkommer, knoflook, sla, meloenen, pastinaak, erwten, pompoenen, radijzen, koolrapen, knolrapen en watermeloen.

Groenten die zich gemakkelijk laten overplanten:

Basilicum, broccoli; spruitjes, kool, Chinese kool, bloemkool, selderij, snijbieten, bieslook, peterselie, boerenkool, aubergine, andijvie, koolrabi, prei, uien, paprika’s en tomaten.

Tags , , , , ,

Watersparende apparaten voor de badkamer en de keuken

Water is kostbaar. Gelukkig bestaan er een heel aantal apparaten die in de keuken of in de badkamer water kunnen besparen.

Kranen met doorstroombegrenzer

Een doorstroombegrenzer kan ervoor zorgen dat er per minuut minder water door de kraan komt. Doorsnee komt er per minuut 10 tot 15 liter water uit de kraan, maar bij een wastafelkraan is 6 liter water eigenlijk al ruim voldoende. Aan een kraan met doorstroombegrenzer wordt een schuimstraalmondstuk of perlator gemonteerd. Die voegt lucht toe aan de waterstraal om het zo te doen lijken alsof er een volle straal water uit de kraan komt. Een doorstroombegrenzer kan je jaarlijks een besparing van 3m³ water opleveren.

Watersparende douchekop

In een watersparende douchekop zit een restrictor die de opening waardoor het water stroomt verkleint. Op die manier zal je dus minder water verbruiken, maar de douchekop is zo ontworpen dat de straal ervan even stevig blijft. Per acht minuten douchen kan een watersparende douchekop je tot 36 liter water besparen.

Kranen met spaarstand

Kranen met spaarstand werken met twee verschillende standen: de spaarstand met een lager debiet en de  comfortstand met het volledige debiet.

Zes liter-toilet met spaarknop

Door gebruik te maken van een zes liter-toilet met spaarknop kan je jaarlijks tot 23m³ besparen.  Na de meeste toiletbeurten heb je immers niet meer dan drie liter water nodig, terwijl oude toiletten 9 tot zelfs 12 liter per beurt verbruiken.

Thermostaatkraan

Een thermostaatkraan kan ervoor zorgen dat je eerder water op de juiste temperatuur hebt en zo dus minder lang moet wachten tot het is opgewarmd. Het kan je een jaarlijkse besparing van 2m³ water en 5m³ gas opleveren.

Waterbesparende apparatuur is iets duurder dan gewone apparatuur. Je vindt het in alle prijsklassen. En als je daarbij rekent dat het je per dag meer dan 30% water kan doen besparen, kom je uiteindelijk altijd goedkoper uit.

Tags , , , , , ,

Kiezen voor vloerverwarming?

Vloerverwarming is, zoals de naam het zegt, verwarming die via kunststofleidingen in de vloer wordt ingebouwd. Zo’n systeem zorgt ervoor dat  de warmte beter verdeeld wordt, bespaart energie en plaats en heeft weinig onderhoud nodig. Toch zijn er ook enkele nadelen aan verbonden.

Voordelen van vloerverwarming

- Vloerverwarming zorgt enkel voor stralingswarmte, een erg behaaglijke warmte. Daardoor blijft de luchtvochtigheid in de verwarmde ruimte op peil.
- Vloerverwarming is energiezuinig. Er zijn minder hoge keteltemperaturen vereist en de warmte stijgt gelijkmatig van de vloer op.
- Vloerverwarming vraagt slechts weinig onderhoud en zorgt voor minder stof in de lucht. Het is dus het ideale verwarmingssysteem voor mensen met een stofallergie.
- Het is, in tegenstelling tot radiatoren of convectoren die veel plaats innemen, plaatsbesparend.
- Je hebt geen koude voeten meer als je thuis rondloopt.

Nadelen van vloerverwarming

- Vloerverwarming heeft een langere opwarmingstijd nodig.
- Het is moeilijk om nog voor vloerverwarming te kiezen wanneer je gaat renoveren.
- De ondergrond moet beter afgewerkt worden.
- De plaatsing van vloerverwarming kost een stuk meer dan die van gewone verwarming. De installatie van de buisjes waar warm water doorgestuurd wordt is namelijk vrij moeilijk en daardoor duur. Ook het systeem dat ervoor zorgt dat het water dat door de buisjes loopt niet te warm wordt is erg duur.

Plaatsing van de verwarming

Vloerverwarming kan net als gewone verwarming werken op stookolie, aardgas of elektriciteit.

Het is belangrijk dat je voldoende buizen in de vloer legt. Hoe korter de buizen bij elkaar liggen, hoe beter. Het systeem is dan zuiniger, zal beter werken en zal geen barsten in de vloer tot gevolg hebben. 10 centimeter tussen de buizen is een aangewezen afstand.

Je kan kiezen voor een nat of een droog systeem. Bij een nat systeem worden de buizen rechtstreeks in een natte chapelaag gelegd, bij een droog systeem in een constructie van piepschuim of polystyreen. Een droog systeem verspreidt de warmte sneller dan een nat.

Als je vloerverwarming plaatst, is het belangrijk dat je vloer- en wandisolatie plaatst. Een degelijke vloerisolatie vermijdt dat de buisjes warmte afgeven naar beneden.

Ten slotte is ook de vloerbedekking die je kiest van belang. Tegels slaan de warmte bijvoorbeeld goed op, houten vloeren houden de warmte langer tegen. Informeer je voldoende op voorhand.

Tags ,

Hoe de verwarmingskosten van je huis verminderen

In de winter is het  koud en kan de energie die je verbruikt om te verwarmen een groot deel van je budget opslorpen. Door de stijgende prijzen betaal je nu misschien wel dubbel zoveel voor de verwarming van je huis als twee jaar geleden.

1. Laat een energieaudit van je huis uitvoeren of voer er zelf een uit. Zo kan je te weten komen waar de zwakke punten van je woning zitten. Waar zitten de warmtelekken en wat kan je eraan doen? Controleer vooral de deuren, vensters, kachels en andere plaatsen. Als je huis slecht geïsoleerd is, is het een gouden tip om het beter te isoleren. De extra kosten zal je zeker terugverdienen.

2. Probeer in de winter zo weinig mogelijk het afzuigsysteem van je keuken of badkamer te gebruiken.  zo’n afzuigsyteem kan alle hete lucht uit de ruimte zuigen in minder dan een uur. Je zal verbaasd zijn van hoeveel je op deze manier kan besparen.

3. Verhit geen ruimtes van je huis die je zelden gebruikt, zoals de logeerkamer. Draai de verwarming er uit of zet de thermostaat er lager.
Als je een open haard of kachel hebt, maak daar dan dankbaar gebruik van.

4. Zorg ervoor dat je verwarmingsketel, warmtepomp of ander materiaal in topconditie verkeert. Vuile filters kunnen de efficiëntie van je verwarmingsketel of warmtepomp bijvoorbeeld sterk terugschroeven. Een jaarlijks onderhoud kan zeker geen kwaad.

5. Stel je thermostaat niet in boven de gewenste temperatuur. Daardoor zal je huis immers niet sneller warm worden. Je verwarming volledig afzetten wanneer je slaapt of niet thuis bent mag dan wel logisch klinken, maar vaak zal het je dan nog meer kosten. De ijskoude ruimtes in je huis moeten namelijk opnieuw verwarmd worden.
6. Probeer je kleding zoveel mogelijk met koud water te wassen.

7. Het is verleidelijk om ’s morgens lekker lang onder die hete douche te blijven staan, maar je douchetijd tot de helft beperken kan je tot 333% doen besparen op je kosten voor warm water.

8. Doe altijd de rolluiken en gordijnen aan de zonnige kant van het huis open als de zon schijnt en sluit ze wanneer het avond wordt. Sluit de gordijnen aan de schaduwzijde van het huis.

Tags , , ,
Oudere berichten Nieuwere berichten