Tag

Zo kweek je je eigen sla

Ontelbaar veel soorten sla, maar zeker niet onteelbaar. Sla kweken kan je bijna het hele jaar door, in bijna elke soort grond en zonder enige tuinervaring. Door zelf sla te kweken, bepaal je zelf welke soort sla er dagvers op je bord komt. Gedaan met voorverpakte sla met beperkte houdbaarheid. Kies je favoriete slasoorten, zaai, verzorg en geniet! Kweek zelf sla en sla je slag!

Slazaad kopen

Stap eens binnen in een tuinspeciaalzaak in je buurt. In de afdeling zaden heb je vast heel wat keuze uit verschillende heerlijke slasoorten. De verpakking van het slazaad biedt je al heel wat informatie: de smaak van de sla, hoeveel sla je met een zakje kan kweken, wanneer te zaaien en te oogsten, hoe het beste te zaaien (grondsoort, bevochtiging, afstand tussen rijen en zaadjes). Laat je niet afschrikken door de soms grote hoeveelheid sla die je met één zakje kan kweken: slazaad is net als andere zaadsoorten meer dan een jaar houdbaar.

Sla zaaien

Afhankelijk van de soortspecifieke aanwijzingen op de verpakking, kan je sla van februari tot augustus zaaien. De ene slasoort kan al wat beter tegen de koude dan de andere en kweken onder glas of in een serre verlengt de mogelijke zaaiperiode aanzienlijk. Zaai je in een koude periode, dan zaai je het beste in een zaaibakje binnenshuis of onder glas. Zaai je tijdens de zomer, dan kan je ook buiten in volle grond zaaien.

Maak zowel voor binnen als buiten een mengeling van aarde en potgrond. Een zaaibedje met fijngemaakte aarde en potgrond is ideaal om de zaadjes de kans te geven te kiemen, wortel te schieten en water en voedingstoffen op te nemen.

Vervolgens strooi je zaadjes uit op het zaaibedje of in ondiepe zaaigrachtjes. Het zaadbedje of de zaaigrachtjes dek je toe met potgrond of turf, zo zorg je voor een goede waterhuishouding.

Zaai je buiten in volle grond of op een plaats waar vogels en katten je zaaisel kunnen bereiken, denk er dan aan om je zaaisel te beschermen: katten krabben graag in potgrond en vogels eten graag zaadjes en jonge slaplantjes. Netten beschermen tegen vogels en katten, plastiek zakken of petflessen waarmee de wind vrij spel heeft, schrikken vogels af.

Slazorg

Voldoende plaats

Sla heeft voldoende plaats nodig om te groeien. Geef de kleine slaplantjes daarom meer ruimte door ze te verplanten eens ze enkele centimeters groot zijn. Kies de grootste en stevigste plantjes om op voldoende afstand van elkaar te planten. Planten doe je door met een (plant)stok een gaatje in de grond te maken, het slaplantje er in te zetten, voldoende water in het gaatje te gieten en het gaatje met aarde aan te drukken.

Voldoende water

Sla bestaat voor meer dan 90% uit water. Het is dan ook logisch dat je de slaplantjes af en toe het nodige water moet geven. Vooral als je onder glas of in een serre sla kweekt, moet je voldoende water geven. In de buitenlucht volstaat het om extra water te geven in regenarme periodes. Water geven doe je het beste ’s ochtends of ’s avonds. Dan is het minder warm is en staat de sla niet meer in het felle zonlicht.

Voldoende licht en warmte

Sla heeft om te groeien veel licht en warmte nodig. Vermijd daarom een al te schaduwrijke plaats.

Sla oogsten

Telkens je zin hebt in sla, kan je sla uit je tuin oogsten. Dat doe je door de slaplant zo dicht mogelijk tegen de grond af te snijden met een keukenmesje. In warme periodes doe je dat het beste ’s ochtends, zo oogst je een mooie gezonde sla met krachtige bladeren die nog geen strijd hebben geleverd tegen warme temperaturen. Tot slot: als je ongeveer iedere drie weken sla zaait, kan je voortdurend sla uit eigen tuin oogsten.

Tags , , , ,