Tag

Zelf pompoenen kweken

Pompoenen zijn lekker en eenvoudig te telen. Als je een beetje moeite doet, kan je zelfs erg grote pompoenen kweken.

Zaaien

Pompoenen zaai je tussen april en juni best in potjes. Zaai twee zaadjes per potje, zodat je het sterkste kan overhouden. Duw de zaadjes zacht in een  laagje grond en bedek dat met wat extra grond. Je mag de zaadjes niet te diep zaaien. Als de wortels door de bodem van de pot komen, is het tijd om de zaailingen over te planten. Plant ze zo’n twee à drie meter uit elkaar. Zaden kunnen ook rechtstreeks in de grond gezaaid worden tussen het einde van mei en de vroege zomer. Kies een  zonnig plekje dat voldoende afgeschermd is en verbeter de grond met compost. Als de zaailingen kiemen, mag je de zwakste verwijderen.

De plantjes verzorgen

Bescherm de  zaailingen met mulch en voed ze regelmatig met meststof. Geef ze ook geregeld water tijdens het bloeiseizoen. Verwijder sommige vruchten voor ze zich verder ontwikkelen, houd twee tot drie vruchten per plant over. Op die manier zal je grotere pompoenen krijgen. Als de pompoenen groter worden, til ze dan op met een stuk hout of een baksteen, om zo te voorkomen dat ze gaan rotten. Verwijder bladeren waardoor de pompoenen in de schaduw te zitten komen. Als er een risico is op vroege vorst, bescherm de pompoenen dan met stro of karton.

Oogsten en opslaan

Laat de vruchten zo lang mogelijk op de plant, zodat ze  kunnen groeien en rijpen. Wanneer de stengel breekt en de schil erg dik is, is de pompoen klaar om geoogst te worden. Leg de pompoenen vier dagen buiten in de zon of bewaar ze binnen bij een temperatuur van 27° tot 32° C, zodat ze kunnen harden. Pompoenen kunnen vier tot zes maanden bewaard worden. Bewaar je pompoenen op een koele plaats, bij een temperatuur rond 10°C.

Tags , , , , ,

Kiezen voor zaadjes of kiemplanten?

Voor jou is zaadjes zaaien in de moestuin natuurlijk de gemakkelijkste optie. Maar sommige groenten doen er maanden over om van een zaadje uit te groeien tot een volwaardige plant. Daarom gebruiken veel tuiniers kiemplanten, zeker als het gaat om seizoensplanten als tomaten, paprika’s en aubergines.

Als je je afvraagt of je voor zaadjes of kiemplanten moet kiezen, stel jezelf dan twee vragen:

- Laat de groente zich gemakkelijk overplanten?
- Duurt het bloeiseizoen lang genoeg om de groenten te laten rijpen als je kiest voor zaadjes?

Bij tomaten duurt het ongeveer 4 à 5 maanden voor de plant volgroeid is uit een zaadje. Maar ze laten zich gemakkelijk overplanten, dus de meeste tuiniers kiezen voor kiemplanten.

Wortelgewassen (wortel, pastinaak, rode biet, witlof, enz.) laten zich niet gemakkelijk overplanten en moeten rechtstreek gezaaid worden. Bij sommige snel groeiende gewassen als erwten en sla zijn kiemplanten ook totaal overbodig.

Groenten die gezaaid worden:

Basilicum, broccoli, wortels, komkommer, knoflook, sla, meloenen, pastinaak, erwten, pompoenen, radijzen, koolrapen, knolrapen en watermeloen.

Groenten die zich gemakkelijk laten overplanten:

Basilicum, broccoli; spruitjes, kool, Chinese kool, bloemkool, selderij, snijbieten, bieslook, peterselie, boerenkool, aubergine, andijvie, koolrabi, prei, uien, paprika’s en tomaten.

Tags , , , , ,

Laat die veldbloemen maar bloeien

Percelen met veldbloemen zijn erg populair de laatste tijd. Veel mensen vinden het mooi om een stukje ‘wilde natuur’ te hebben in hun eigen tuin. Veldbloemen roepen een landelijk, pittoresk gevoel op.  Daarbij komt nog dat het helemaal niet veel tijd kost om te onderhouden.

Welke bloemen?

Er bestaan veel soorten veldbloemen: margrietjes, paardenbloemen, boterbloempjes, valeriaan, vingerhoedskruid, speenkruid,… Keuze te over. Je kan er ook voor kiezen om een compleet zaaipakket te kopen, met een mengeling van veldbloemzaden erin.

De grond

Veldbloemen stellen absoluut geen hoge eisen aan de grond, daarom komen ze zo frequent voor in de wilde natuur. Veldbloemen groeien zelfs beter op een bodem die maar weinig voedingsstoffen bevat, je hoeft ze dus helemaal niet te bemesten.

Nuttig

Een veldbloemenperk is ook nog eens erg nuttig voor de natuur: insecten zijn er dol op en vinden zo beschutting. Het zorgt voor een echt stukje natuur in je tuin.

Heb je geen tuin?

Geen nood, als je geen tuin tot je beschikking hebt, kan je ook veldbloemen zaaien in een pot met potgrond. Zet de pot op een leuke plaats, en je hele woning fleurt meteen op. Het is ook altijd erg mooi om de kleur van (een van de) bloemen terug te laten komen in de pot. Je kunt ze ook in een hangmand planten.

Leuke combinaties

Het is erg leuk als je ervoor zorgt dat je zaden zaait die een verschillende bloeitijd hebben, zo heb je ieder seizoen een ander kleurentapijt.

Een paar leuke combinaties om je op weg te helpen:

Teunisbloem, viooltjes, siererwt, goudsbloem, lavendel en tijm (erg kleurrijk)
Madelief, vergeet-me-niet, zonneroosje, klaproos, gevlekt bosliefje
Bosaardbei, vingerhoedskruid, jacobsladder, viooltjes en paardenbloemen

Wanneer zaaien?

Het beste kan je de veldbloemzaden zaaien in het voorjaar (maart, april of mei), later kan desnoods ook nog (augustus). Bewerk de grond altijd voor je aan het zaaien begint: er is amper werk aan een veldbloemenperk maar je moet er dan wel voor zorgen dat er geen onkruid tussendoor begint te groeien. Graaf daarom eerst de grond uit, en haal alle wortelstokken van het onkruid eruit.

Tags , ,

Zo kweek je je eigen sla

Ontelbaar veel soorten sla, maar zeker niet onteelbaar. Sla kweken kan je bijna het hele jaar door, in bijna elke soort grond en zonder enige tuinervaring. Door zelf sla te kweken, bepaal je zelf welke soort sla er dagvers op je bord komt. Gedaan met voorverpakte sla met beperkte houdbaarheid. Kies je favoriete slasoorten, zaai, verzorg en geniet! Kweek zelf sla en sla je slag!

Slazaad kopen

Stap eens binnen in een tuinspeciaalzaak in je buurt. In de afdeling zaden heb je vast heel wat keuze uit verschillende heerlijke slasoorten. De verpakking van het slazaad biedt je al heel wat informatie: de smaak van de sla, hoeveel sla je met een zakje kan kweken, wanneer te zaaien en te oogsten, hoe het beste te zaaien (grondsoort, bevochtiging, afstand tussen rijen en zaadjes). Laat je niet afschrikken door de soms grote hoeveelheid sla die je met één zakje kan kweken: slazaad is net als andere zaadsoorten meer dan een jaar houdbaar.

Sla zaaien

Afhankelijk van de soortspecifieke aanwijzingen op de verpakking, kan je sla van februari tot augustus zaaien. De ene slasoort kan al wat beter tegen de koude dan de andere en kweken onder glas of in een serre verlengt de mogelijke zaaiperiode aanzienlijk. Zaai je in een koude periode, dan zaai je het beste in een zaaibakje binnenshuis of onder glas. Zaai je tijdens de zomer, dan kan je ook buiten in volle grond zaaien.

Maak zowel voor binnen als buiten een mengeling van aarde en potgrond. Een zaaibedje met fijngemaakte aarde en potgrond is ideaal om de zaadjes de kans te geven te kiemen, wortel te schieten en water en voedingstoffen op te nemen.

Vervolgens strooi je zaadjes uit op het zaaibedje of in ondiepe zaaigrachtjes. Het zaadbedje of de zaaigrachtjes dek je toe met potgrond of turf, zo zorg je voor een goede waterhuishouding.

Zaai je buiten in volle grond of op een plaats waar vogels en katten je zaaisel kunnen bereiken, denk er dan aan om je zaaisel te beschermen: katten krabben graag in potgrond en vogels eten graag zaadjes en jonge slaplantjes. Netten beschermen tegen vogels en katten, plastiek zakken of petflessen waarmee de wind vrij spel heeft, schrikken vogels af.

Slazorg

Voldoende plaats

Sla heeft voldoende plaats nodig om te groeien. Geef de kleine slaplantjes daarom meer ruimte door ze te verplanten eens ze enkele centimeters groot zijn. Kies de grootste en stevigste plantjes om op voldoende afstand van elkaar te planten. Planten doe je door met een (plant)stok een gaatje in de grond te maken, het slaplantje er in te zetten, voldoende water in het gaatje te gieten en het gaatje met aarde aan te drukken.

Voldoende water

Sla bestaat voor meer dan 90% uit water. Het is dan ook logisch dat je de slaplantjes af en toe het nodige water moet geven. Vooral als je onder glas of in een serre sla kweekt, moet je voldoende water geven. In de buitenlucht volstaat het om extra water te geven in regenarme periodes. Water geven doe je het beste ’s ochtends of ’s avonds. Dan is het minder warm is en staat de sla niet meer in het felle zonlicht.

Voldoende licht en warmte

Sla heeft om te groeien veel licht en warmte nodig. Vermijd daarom een al te schaduwrijke plaats.

Sla oogsten

Telkens je zin hebt in sla, kan je sla uit je tuin oogsten. Dat doe je door de slaplant zo dicht mogelijk tegen de grond af te snijden met een keukenmesje. In warme periodes doe je dat het beste ’s ochtends, zo oogst je een mooie gezonde sla met krachtige bladeren die nog geen strijd hebben geleverd tegen warme temperaturen. Tot slot: als je ongeveer iedere drie weken sla zaait, kan je voortdurend sla uit eigen tuin oogsten.

Tags , , , ,